Arbeidsmarktregio
Social Return Gooi en Vechtstreek
Regio Gooi en Vechtstreek hanteert 5% als uitgangspunt voor Social Return. Werk je voor meerdere gemeenten in deze regio, dan reken je met dezelfde regels.
Kerngegevens
Uit de gepubliceerde beleidsdocumenten van de regio. Een leeg veld betekent dat wij het niet uit een primaire bron hebben kunnen bevestigen.
| Percentage | 5% |
|---|---|
| Drempelbedrag | Niet uit een primaire bron bevestigd |
| Methodiek | Bouwblokkenmethode |
| Rapportagesysteem | WIZZR |
| Uitvoeringsorganisatie | Adviseur SROI, Regio Gooi en Vechtstreek |
De regiogemeenten en de Regio Gooi en Vechtstreek nemen Social Return op als bijzondere uitvoeringsvoorwaarde en waarderen de invulling met bouwblokken. De verplichting is 5 procent van de **gefactureerde** opdrachtsom; er wordt dus afgerekend op wat er werkelijk is gefactureerd en niet op de inschrijfsom. Een drempelbedrag publiceert de regio niet. De activiteiten mogen binnen de opdracht plaatsvinden, maar ook in je eigen bedrijfsvoering, bij een onderaannemer of bij een toeleverancier. Er gelden twee harde voorwaarden: het moet een nieuwe, aanvullende activiteit zijn, en je mag haar maar bij één gemeente opgeven, namelijk de gemeente die de opdracht inkoopt. Bestaande of eerder uitgevoerde activiteiten tellen niet. Na gunning neem je binnen een week contact op met de adviseur SROI. Samen stel je een plan van aanpak op, dat binnen zes weken na gunning goedgekeurd moet zijn; de adviseur kan die termijn schriftelijk verlengen tot maximaal twaalf weken. De afspraken en de realisatie leg je vast in WIZZR.
Tweede vondst van de zoekronde op pdf's buiten de sitemap, op 26 augustus 2026. Het document hangt in een WordPress-uploadmap onder `werkcentrumgooienvechtstreek.nl`, met een pad dat op december 2025 wijst terwijl de tabel zelf "Bouwblokken/ waarde SROI 2023" heet. Wij nemen 2023 als documentdatum over, want dat staat in het document; de uploaddatum zegt alleen wanneer het bestand daar is neergezet. Er staat geen e-mailadres in het document en ook niet op de SROI-pagina van het werkcentrum. Het contactpunt is daarom de pagina zelf en niet een verzonnen adres. Welke gemeenten precies onder deze regio vallen noemt het document niet; `municipalities` blijft leeg. Twee dingen zijn hier scherper geformuleerd dan bij vrijwel elke andere opdrachtgever, en allebei in het nadeel van de opdrachtnemer: de grondslag is de gefactureerde opdrachtsom in plaats van de inschrijfsom, en alleen inzet die je om niet levert telt mee. Dat laatste sluit uit dat een re-integratiebedrijf zijn eigen betaalde dienstverlening opvoert als invulling.
Bouwblokken en waardering
Deze waarden gelden voor alle gemeenten die dit regionale beleid volgen. Je mag stapelen tot het gevraagde bedrag bereikt is.
| Invulling | Waarde | Grondslag |
|---|---|---|
| Kandidaat langer dan twee jaar in de Participatiewet | € 40.000 | inspanningswaarde op basis van een fulltime jaarcontract |
| Kandidaat met een Wajong-uitkering | € 35.000 | inspanningswaarde op basis van een fulltime jaarcontract |
| Kandidaat korter dan twee jaar in de Participatiewet | € 30.000 | inspanningswaarde op basis van een fulltime jaarcontract |
| Kandidaat met een WIA- of WAO-uitkering | € 30.000 | inspanningswaarde op basis van een fulltime jaarcontract |
| Kandidaat met een WW-uitkering van langer dan een jaar | € 15.000 | inspanningswaarde op basis van een fulltime jaarcontract |
| Kandidaat met een WW-uitkering van korter dan een jaar | € 10.000 | inspanningswaarde op basis van een fulltime jaarcontract |
| Bbl-traject | € 10.000 | alleen als de duur van de arbeidsovereenkomst overeenkomt met wat de opleiding aan die overeenkomst stelt |
| Bol-traject | € 5.000 | alleen als de duur van de arbeidsovereenkomst overeenkomt met wat de opleiding aan die overeenkomst stelt |
| Bonus, kandidaat van 55 jaar of ouder | € 5.000 | extra, bovenop de waarde van het bouwblok van de kandidaat |
| Inzet van een werkbedrijf of sociale onderneming | Variabel | de betaalde facturen |
| MVO-activiteiten | Variabel | € 100 per besteed uur |
Wie meetelt als doelgroep
Zo omschrijft Regio Gooi en Vechtstreek de doelgroepen in haar eigen beleid.
- Uitkeringsgerechtigden op grond van de Participatiewet
- Kandidaten met een Wajong-uitkering
- Kandidaten met een WIA- of WAO-uitkering
- Werkzoekenden met een WW-uitkering
- Leerlingen in een bbl- of bol-traject
Deze lijst is niet overal dezelfde. Wat de Rijksoverheid hanteert en waar opdrachtgevers onderling van elkaar afwijken, staat in doelgroepen voor Social Return.
Eigen regelingen en afwijkingen
Wat Regio Gooi en Vechtstreek anders doet dan de meeste andere opdrachtgevers.
- Vijf procent van de gefactureerde opdrachtsom, niet van de inschrijfsom
- De meeste opdrachtgevers rekenen met de aanneemsom of de opdrachtwaarde: het bedrag waarvoor je hebt ingeschreven. Hier is het de gefactureerde opdrachtsom. Loopt een raamovereenkomst minder hard dan verwacht, dan daalt je verplichting mee; loopt hij harder, dan stijgt zij. Reken dus niet met het bedrag uit de gunningsbrief maar met wat je werkelijk factureert. Bron
- Alleen inzet die je om niet levert telt mee
- Diensten op het gebied van arbeidstoeleiding en het aan werk helpen van uitkeringsgerechtigden die al onder de betaalde opdracht vallen, tellen niet mee voor de verplichting. Het gaat uitsluitend om inzet en activiteiten die je zonder vergoeding uitvoert. Voor een re-integratiebedrijf dat een opdracht van deze regio wint, betekent dat: je kernactiviteit vult je verplichting niet in. Bron
- Eén activiteit bij één gemeente
- Een activiteit mag maar bij één gemeente worden opgegeven, namelijk de gemeente die de opdracht inkoopt, en het moet een nieuwe, aanvullende activiteit zijn. Werk je voor meerdere gemeenten in deze regio, dan kun je dezelfde plaatsing dus niet twee keer opvoeren. Dat is strenger dan bij Nieuwegein, waar dezelfde kandidaat op twee projecten tegelijk mag meetellen zolang de uren verschillen. Bron
- Zes weken voor een goedgekeurd plan, te verlengen tot twaalf
- Binnen een week na gunning neem je contact op met de adviseur SROI. Het plan van aanpak moet binnen zes weken na gunning gereed én goedgekeurd zijn; de adviseur kan die termijn schriftelijk verlengen tot maximaal twaalf weken. In het plan staan de opdrachtsom, de gekozen bouwblokken, de waarde van eventuele maatschappelijke activiteiten en de momenten van tussen- en eindevaluatie. Bron