Ga naar hoofdinhoud
Onafhankelijk kennisplatform over Social Return (SROI)
Social Return Register

Sociaal inkopen, hoe begin je?

Begin bij één opdracht die er geschikt voor is, en niet bij beleid voor alles. Bepaal daarna in deze volgorde: waarover je rekent, hoeveel je vraagt, in welke vorm je het opneemt, wat je toestaat als invulling en hoe je het controleert. De grondslag is de belangrijkste keuze en wordt het vaakst overgeslagen.

Door Sem ReijgwartGepubliceerd Laatst gecontroleerd Redactioneel beleid
Op deze pagina (8)

In het kort

  • Kies één passende opdracht in plaats van beleid voor alles; werken en diensten met een reële loonsom lenen zich het best.
  • De grondslag bepaalt het bedrag sterker dan het percentage, en die keuze staat als [x] in de rijkscriteria.
  • Kies bewust tussen twee vormen: een eis geldt voor iedereen, een gunningscriterium laat je erop concurreren.
  • Leg vooraf vast wat als invulling meetelt, want zonder die lijst gaat het gesprek achteraf over interpretatie.
  • Regel de verantwoording bij de start; de rijkscontractbepaling noemt vijf gegevens.

Begin bij één opdracht, niet bij beleid

De meest gemaakte fout is beleid schrijven voordat er één aanbesteding met social return is gedaan. Zo'n beleidsregel is een aanname over een praktijk die je nog niet kent, en hij loopt vast op de eerste opdracht die er niet in past.

Kies dus één opdracht die zich ervoor leent en maak daar de keuzes hieronder. Wat werkt, schrijf je daarna op als beleid. Dat is ook de volgorde waarin de arbeidsmarktregio's die wij hebben uitgezocht zijn gegroeid: eerst een werkwijze, dan een kader.

Stap 1: kies een passende opdracht

Werken en diensten met een reële loonsom. PIANOo noemt de reden dat social return daar het meest wordt toegepast: de directe arbeidscomponent bij een overheidsopdracht voor leveringen is vaak een stuk kleiner. Een schoonmaakcontract of groenonderhoud heeft dus meer ruimte dan een hardwarelevering. Hoe verschillend opdrachtgevers daarmee omgaan staat bij Social Return in de ICT.

Let ook op de looptijd. Onder een half jaar is er weinig tijd om iemand in te werken, en meerdere opdrachtgevers sluiten korte opdrachten daarom uit.

Stap 2: bepaal de grondslag

Dit is de belangrijkste keuze van het hele traject, en zij staat in de rijkscriteria als een [x] die je zelf invult: loonsom, aanneemsom of het aantal in te zetten uren.

Vijf procent van de loonsom en vijf procent van de aanneemsom lijken hetzelfde. Bij een werk van een miljoen met een loonsom van een kwart is het eerste 12.500 euro en het tweede 50.000. Kies dus eerst waarover je rekent, en pas daarna hoeveel. Wat die keuze in de praktijk doet, staat bij Social Return in de bouw.

Stap 3: bepaal het percentage

Vijf procent is het meest gebruikte uitgangspunt in Nederland en het is ook wat de rijkscriteria voorschrijven. Twee veelgebruikte verfijningen:

  • Verlagen bij weinig arbeid. Zes opdrachtgevers in ons register vragen 2 procent in plaats van 5 zodra de loonsom onder 30 procent van de opdrachtwaarde ligt.
  • Verhogen bij veel laaggeschoold werk. Helmond-De Peel legt vast dat bij werk dat veel laaggeschoolde arbeid omvat een hoger percentage dan 5 procent kan worden gevraagd, en dat de servicedesk dat samen met de inkoper vaststelt vóór de aanbesteding.

Dat laatste is de moeite waard: het percentage hoeft geen vast getal in beleid te zijn, als de afweging maar vóór publicatie plaatsvindt en in de stukken staat.

Stap 4: kies de vorm

De beleidsnotitie van de veertien Twentse gemeenten noemt drie varianten: als uitvoeringsvoorwaarde, als gunningscriterium, of allebei.

VormWat het doetWanneer je hem kiest
UitvoeringsvoorwaardeGeldt voor iedereen die wint, telt niet mee in de beoordelingJe wilt een gelijk speelveld en een vast resultaat
GunningscriteriumInschrijvers concurreren erop; wie meer biedt, scoort hogerJe weet niet wat haalbaar is en wilt de markt laten bepalen
AllebeiEen ondergrens voor iedereen, met punten voor wie verder gaatJe wilt zekerheid én ruimte voor ambitie

De kant-en-klare teksten voor alle drie staan bij contractvoorwaarden.

Stap 5: leg vast wat meetelt

Hier ontstaat achteraf de meeste discussie, en dat is te voorkomen door het vooraf op te schrijven. Vier dingen:

  • Welke doelgroepen. Neem je de rijkslijst over of wijs je zelf mensen aan? Zie doelgroepen voor hoe ver opdrachtgevers daarin uiteenlopen.
  • Wat elke invulling waard is. Werk je met de bouwblokkenmethode of reken je met de werkelijke loonwaarde?
  • Hoe lang iemand meetelt. De meetelperiode loopt in ons register uiteen van twaalf maanden tot zolang een indicatie geldt.
  • Welke routes je toestaat. Inkopen bij een sociale onderneming, een alternatieve invulling zoals opleiding, of een bijdrage aan een fonds.

Stap 6: regel de verantwoording bij de start

De contractbepaling van het Rijk noemt vijf gegevens die de opdrachtnemer periodiek aanlevert: het aantal ingezette mensen zonder naam vanwege de AVG, de periode van inzet, een indicatie van de doelgroep, het wervingskanaal en de gehaalde waarde. Spreek daarnaast af hoe vaak, en via welk systeem.

Regel in dezelfde beweging wat er gebeurt als het niet lukt. Bijna elk beleid dat wij lazen ziet af van een vordering als de opdrachtnemer aannemelijk maakt dat hem geen verwijt treft, en dat werkt alleen als vooraf duidelijk is wat je van hem verwachtte. Zie wat er gebeurt als je Social Return niet haalt.

Eén ding dat niet in een document past

De opdrachtgevers waar het loopt, hebben allemaal iemand die de telefoon opneemt: een social return-adviseur, een servicedesk of een werkgeversservicepunt. Een leverancier die niet weet waar hij kandidaten vandaan moet halen, haalt zijn verplichting niet, hoe goed de contracttekst ook is. Zet die contactpersoon in de aanbestedingsstukken en zorg dat hij bestaat.

Veelgestelde vragen

Moet ik eerst beleid maken?
Nee, en het is meestal beter van niet. Een beleidsregel die je schrijft voordat je één aanbesteding hebt gedaan, is een aanname over de praktijk. Begin bij één geschikte opdracht, leg de keuzes daar vast, en schrijf het beleid als je weet welke keuzes werken.
Welke opdrachten lenen zich er het best voor?
Werken en diensten met een reële loonsom. PIANOo noemt als reden dat social return vooral daar wordt toegepast dat de directe arbeidscomponent bij een overheidsopdracht voor leveringen vaak een stuk kleiner is. Een schoonmaak- of groencontract heeft daardoor meer ruimte dan een hardwarelevering.
Hoeveel moet ik vragen?
Vijf procent is in Nederland het meest gebruikte uitgangspunt en het is ook wat de rijkscriteria voorschrijven. Belangrijker dan het getal is waarover je het rekent: vijf procent van de loonsom is bij een materiaalzwaar werk een fractie van vijf procent van de aanneemsom.
Wat als een leverancier het niet haalt?
Spreek dat vooraf af, want zonder afspraak sta je met lege handen. De meeste opdrachtgevers vorderen het niet ingevulde bedrag, een deel anderhalf keer dat bedrag, en bijna allemaal zien zij af van de vordering als de opdrachtnemer aannemelijk maakt dat hem geen verwijt treft.
Kan ik dit als kleine organisatie ook?
Ja, en het scheelt dat je niets hoeft te bedenken. De vier social return-teksten van het Rijk zijn vrij te gebruiken en in alle 44 productgroepen gelijk. Wat je zelf moet regelen is de begeleiding: één contactpersoon die met de leverancier meedenkt, want dat is wat de invulling in de praktijk laat slagen.

Bronnen

Elke feitelijke claim op deze pagina steunt op een van deze bronnen. Staat er iets niet bij, dan hebben wij het niet kunnen bevestigen en staat het er niet. Zo controleren wij een bron, en klopt er iets niet, geef het door.

  1. Visie op social returnPIANOo, Expertisecentrum Aanbesteden · geraadpleegd op De inzet van social return is geen Europeesrechtelijke verplichting voor aanbestedende diensten. Social return wordt vooral toegepast bij werken en diensten, omdat de directe arbeidscomponent bij een overheidsopdracht voor leveringen vaak een stuk kleiner is.
  2. MVI-criteriatool, criterium 001.029, eis "Minimaal 5% social return is vereist"Rijksoverheid, MVI-criteriatool · · geraadpleegd op De opdrachtnemer hanteert voor de uitvoering van de opdracht een norm van 5% social return op de [x]. Vul op de plaats van [x] in: loonsom, aanneemsom of het aantal in te zetten uren.
  3. Beleidsnotitie Social Return On Investment (SROI) van 14 Twentse gemeentenGemeente Wierden, via lokaleregelgeving.overheid.nl · geraadpleegd op Er zijn meerdere varianten: 1) SROI als uitvoeringsvoorwaarde (contracteis). Soms SROI als 2) gunningscriterium of 3) als gunningscriterium in combinatie met uitvoeringsvoorwaarde.
  4. Beleidskader SROI 2024-2027, Arbeidsmarktregio Helmond-De PeelGemeente Helmond, via lokaleregelgeving.overheid.nl · · geraadpleegd op Bij werk dat veel laaggeschoolde arbeid omvat kan een hoger percentage dan 5 procent worden gevraagd. De Servicedesk stelt dat samen met de inkoper vast vóór de aanbesteding.