Ga naar hoofdinhoud
Onafhankelijk kennisplatform over Social Return (SROI)
Social Return Register

Social Return in de ICT

In de ICT hangt bijna alles af van één vraag: koopt je opdrachtgever een levering of een dienst? Hardware is een levering, en daar loopt het beleid het verst uiteen van alle opdrachtsoorten: van helemaal geen eis tot gewoon vijf procent. Detachering, beheer en ontwikkeling zijn diensten met een hoge loonsom, en die vallen juist vrijwel overal in het hoogste tarief. In de bouw werkt diezelfde regel precies andersom.

Door Sem ReijgwartGepubliceerd Laatst gecontroleerd Redactioneel beleid

Bij een levering verschilt het antwoord het meest

PIANOo noemt de reden dat social return vooral bij werken en diensten wordt toegepast: de directe arbeidscomponent bij een levering is vaak een stuk kleiner. Wat opdrachtgevers daar vervolgens mee doen, loopt uiteen van een streep door de eis tot hetzelfde percentage als overal.

Wat het beleid over leveringen zegt, bij de opdrachtgevers die er iets over vastleggen. Een streepje betekent dat er geen apart drempelbedrag voor leveringen is bevestigd.
OpdrachtgeverDrempel bij leveringenWat er bij een levering geldt
Fryslân1 gemeenten
  • De minimumeis bij elke aanbesteding die als Social Return-project is aangemerkt: 2% van de opdrachtwaardeMinimaal 2 procent van de totale opdrachtwaarde exclusief btw, met een maximum van 300.000 euro aan Social Return per opdracht. Door in te schrijven verplicht de inschrijver zich hiertoe.
  • Social Return als subgunningscriterium, waarop je een hoger percentage kunt offreren: 2 tot 5% van de opdrachtwaardeDe opdrachtgever kan Social Return naast de minimumeis ook als subgunningscriterium opnemen. Dan mag je een percentage offreren hoger dan 2 en maximaal 5 procent, en het geoffreerde percentage is bepalend voor de minimale jaarwaarde van je verplichting. De opdrachtgever moet motiveren waarom hij dat criterium gebruikt.
Helmond-De Peel6 gemeenten€ 100.000
  • Arbeidsintensieve opdrachten, waarbij het arbeidsdeel minstens 30 procent van de opdrachtsom is: 5% van de opdrachtwaardeBij werk dat veel laaggeschoolde arbeid omvat kan een hoger percentage dan 5 procent worden gevraagd. De Servicedesk stelt dat samen met de inkoper vast vóór de aanbesteding.
  • Arbeidsextensieve opdrachten, waarbij de loonsom minder dan 30 procent van de opdrachtsom is: 2% van de opdrachtwaardeOok hier is maatwerk mogelijk en kan van het percentage worden afgeweken.
  • Opdrachten onder 100.000 euro of met een doorlooptijd korter dan drie maanden: 0% per opdracht bepaaldNul procent of maatwerk. Een SROI-verplichting kan wel in het contract worden overeengekomen, en er kan bij de gunning worden beoordeeld op de mate van sociaal ondernemen.
Midden-Limburg8 gemeenten€ 100.000
  • Arbeidsintensieve leveringen, diensten en werken vanaf € 100.000 exclusief btw, waarbij het arbeidsdeel ten minste 30 procent van de opdrachtsom beslaat: 5% van de opdrachtwaardeDe inschrijver berekent zelf of de opdracht arbeidsintensief is; die verantwoordelijkheid legt het beleid uitdrukkelijk bij hem. Naar boven afwijken mag, gemotiveerd en in overleg met de coördinator SROI.
  • Arbeidsextensieve leveringen, diensten en werken vanaf € 100.000 exclusief btw, waarbij de loonsom minder dan 30 procent van de opdrachtsom beslaat: 2% van de opdrachtwaardeDeze tweede staffel komen wij verder bij geen enkele opdrachtgever in het register tegen. Elders vervalt de eis bij een lage arbeidscomponent of blijft het percentage gelijk; hier halveert hij ruim, maar hij blijft staan.
Noordoost-Brabant10 gemeenten
  • Arbeidsintensieve opdrachten, met een loonsom van minstens 30 procent van de opdrachtwaarde: 5% van de opdrachtwaardeHet model noemt dit een richtlijn. De opdrachtgever mag in de aanbesteding afwijkende percentages opnemen of de verplichting beargumenteerd geheel of gedeeltelijk buiten toepassing laten.
  • Arbeidsextensieve opdrachten, waarbij de loonsom minder dan 30 procent van de opdrachtwaarde is: 2% van de opdrachtwaarde
Twente14 gemeenten€ 100.000
  • Arbeidsintensieve opdrachten voor werken, diensten en leveringen: 5% van de opdrachtwaardeVijf procent van de opdrachtsom of meer, waar mogelijk als uitvoeringsvoorwaarde.
  • Kapitaalintensieve opdrachten met meer dan 70 procent materiaalkosten en minder dan 30 procent personeelskosten: 2% van de opdrachtwaarde
Zaanstreek-Waterland7 gemeenten
  • Opdrachten waarbij de loonsom meer dan 30 procent van de aanneemsom is: 5% van de opdrachtwaardeDe basisrichtlijn, toegepast vanaf het drempelbedrag van de gemeente en mits proportioneel.
  • Opdrachten waarbij de loonsom minder dan 30 procent van de aanneemsom is: 2% van de opdrachtwaardeOnder een loonsom van 10 procent van de aanneemsom wordt in beginsel helemaal geen Social Return gevraagd, tenzij het toch proportioneel is.
Zuidoost-Brabant13 gemeenten€ 125.000
  • Arbeidsintensieve opdrachten, met een loonsom van minstens 30 procent van de opdrachtwaarde: 5% van de opdrachtwaardeExclusief btw, bij een opdrachtwaarde boven € 125.000 en een doorlooptijd boven drie maanden.
  • Arbeidsextensieve opdrachten, met een loonsom onder 30 procent van de opdrachtwaarde: 2% van de opdrachtwaardeExclusief btw. Bij leveringen, opdrachten onder € 125.000 of korter dan drie maanden geldt maatwerk.
Almereeigen beleid
  • De bandbreedte waarbinnen de gemeente per opdracht een percentage vaststelt: 2 tot 5%Almere publiceert dit getal niet. Het Coördinatiepunt Social Return van de gemeente noemde het desgevraagd aan onze redactie: per opdracht wordt een percentage tussen 2 en 5 procent vastgesteld. Waarover dat percentage wordt gerekend, de opdrachtwaarde of de loonsom, is daarbij niet gezegd, en wij vullen dat dus niet in.
Den Boscheigen beleid
  • Arbeidsintensieve opdrachten, met een loonsom van minstens 30 procent van de opdrachtwaarde: 5% van de opdrachtwaardeExclusief btw.
  • Arbeidsextensieve opdrachten, met een loonsom onder 30 procent van de opdrachtwaarde: 2% van de opdrachtwaardeExclusief btw.
Eijsden-Margrateneigen beleid€ 100.000
  • Arbeidsintensieve opdrachten: 5% van de opdrachtwaarde
  • Arbeidsextensieve opdrachten: 2% van de opdrachtwaarde
Katwijkeigen beleid
  • De 5%-regeling, het uitgangspunt bij een gewone opdracht: 5% van de opdrachtwaardeEen vast percentage van de aanneemsom wordt ingezet voor de social return-doelgroep.
  • Opdrachten met een hoge leveringscomponent, waarbij de factor arbeid minder inzichtelijk is: 7% van de loonsomDan kan een regeling op maat worden getroffen: in plaats van 5 procent van de aanneemsom 7 procent van de totale loonsom.
Nijmegeneigen beleid
  • In beginsel, bij aanbestedingen van de gemeente: 5% van de opdrachtwaardeVijf procent van de aanneemsom, in te zetten voor Social Return-activiteiten.
  • Projecten met een grote toeleveringscomponent: 7% per opdracht bepaaldZeven procent van de in te zetten arbeidsuren, dus niet van een bedrag. Bij veel toelevering zou een percentage van de aanneemsom weinig zeggen over de beschikbare arbeid.
Oldenzaaleigen beleid€ 100.000
  • Opdrachten waarbij de loonsom ten minste 30 procent van de opdrachtwaarde is: 5% van de opdrachtwaardeTe besteden aan werk, stages of opleidingsplaatsen voor de doelgroep. Wie dat haalt, voldoet aan de eis.
  • Opdrachten waarbij de loonsom minder is dan 30 procent van de totale opdrachtwaarde: 2% van de opdrachtwaarde
Westlandeigen beleid
  • Als gunningscriterium bij opdrachten waar Social Return zeer kansrijk is: 5%Dit komt bovenop de hoofdregel, niet in plaats daarvan.
Zoetermeereigen beleid
  • Alle aanbestedingen behalve enkelvoudig onderhandse: 1 tot 10% van de opdrachtwaardeDe projectleider SROI stelt het percentage per opdracht vast binnen deze bandbreedte.
Bedrijfsvoeringseenheid Bommelerwaardeigen beleid€ 150.000
  • Leveringen en diensten boven € 150.000 exclusief btw: 2% van de opdrachtwaardeHet beleid noemt dit een minimum en laat de keuze tussen opdrachtwaarde en loonsom als grondslag open.
GR Peelgemeenteneigen beleid€ 100.000
  • Arbeidsintensieve opdrachten, waarbij het arbeidsdeel minstens 30 procent van de opdrachtsom is: 5% van de opdrachtwaardeDit is voor de GR Peelgemeenten een ondergrens en geen eindpunt: haar eigen inkoopbeleid zegt dat mogelijkheden voor een hoger aandeel social return actief worden onderzocht.
  • Arbeidsextensieve opdrachten, waarbij de loonsom minder dan 30 procent van de opdrachtsom is: 2% van de opdrachtwaarde
  • Opdrachten onder 100.000 euro of met een doorlooptijd korter dan drie maanden: 0% per opdracht bepaaldNul procent of maatwerk volgens het regionale kader. De GR Peelgemeenten past hier bovendien haar eigen uitgangspunt toe dat per inkooptraject maatwerk wordt gemotiveerd in de inkoopstrategie.
Industrieschap Medeleigen beleid€ 100.000
  • Leveringen en diensten boven € 100.000 exclusief btw: 2% van de opdrachtwaardeHet beleid noemt dit een streven en laat de keuze tussen opdrachtwaarde en loonsom als grondslag open.
Provincie Gelderlandeigen beleid€ 100.000
  • Leveringen en diensten vanaf een opdrachtwaarde van € 100.000 exclusief btw: 5% van de opdrachtwaardeVijf procent van de opdrachtsom, gewaardeerd volgens het bouwblokkenmodel Oost-NL.
Provincie Groningeneigen beleid
  • Leveringen: 0% per opdracht bepaaldWel Social Return, maar als inspanningsverplichting zonder vast percentage en zonder drempelbedrag.
Rogpluseigen beleid
  • Aanbestedingen van Rogplus, als uitgangspunt: 5% van de opdrachtwaardeHet beleid noemt dit uitdrukkelijk een uitgangspunt en geen vast getal: Rogplus kan het percentage verlagen tot 2 procent als de omstandigheden dat vereisen. Welke omstandigheden dat zijn, staat er niet bij.
  • Aanbestedingen waarbij de omstandigheden een lager percentage vereisen: 2% van de opdrachtwaardeDe ondergrens van de bandbreedte. Het beleid noemt geen criteria voor de verlaging.
Veiligheidsregio Brabant-Noordeigen beleid
  • Arbeidsintensieve opdrachten boven het Europese drempelbedrag: 5% van de opdrachtwaardeHet beleid noemt dit een minimumeis en verbindt er de voorwaarde aan dat toepassing proportioneel is.
  • Arbeidsextensieve opdrachten boven het Europese drempelbedrag: 2% van de opdrachtwaarde
Waterschap Rivierenlandeigen beleid
  • Leveringen: 0% per opdracht bepaaldGeen Social Return, omdat er volgens het handboek geen personeelskosten tegenover staan.

Twee opdrachtgevers zetten er een streep door, één niet

Waterschap Rivierenland is het duidelijkst: bij leveringen geldt geen Social Return, omdat er volgens het handboek geen personeelskosten tegenover staan. De provincie Groningen houdt de eis wél overeind maar haalt de harde kant eruit: bij leveringen is het een inspanningsverplichting zonder vast percentage en zonder drempelbedrag. En de provincie Gelderland doet precies het omgekeerde: daar krijgen leveringen en diensten allebei vijf procent van de opdrachtwaarde vanaf 100.000 euro, gewaardeerd met dezelfde bouwblokkentabel.

Voor wie hardware levert betekent dat het volgende: dezelfde laptoplevering kan bij de ene opdrachtgever nul euro aan verplichting opleveren en bij de andere vijf procent van de opdrachtsom. Dat is een groter verschil dan je in enige andere sector tegenkomt, en het staat zelden in de aanbestedingsstukken uitgelegd.

Bij ICT-diensten werkt de loonsomregel de andere kant op

Zes opdrachtgevers in ons register onderscheiden arbeidsintensieve van kapitaalintensieve opdrachten, met de grens bij een loonsom van 30 procent van de opdrachtwaarde. In de bouw valt een materiaalzwaar project daardoor in het lage tarief van 2 procent. Bij ICT-dienstverlening gebeurt het omgekeerde: bij detachering, beheer en softwareontwikkeling is de loonsom vrijwel de hele opdrachtsom, dus zit je aan de hoge kant van die grens en geldt 5 procent.

Dat maakt het onderscheid tussen hardware en dienstverlening in de ICT belangrijker dan de sector zelf. Een raamovereenkomst waarin allebei zit, kan op twee verschillende regimes uitkomen.

Vijf procent van een detacheringscontract is veel geld

Juist omdat de loonsom en de opdrachtsom bij ICT-diensten dicht bij elkaar liggen, is de verplichting hier in absolute euro's hoog. Bij een detacheringscontract van 800.000 euro gaat het al snel om 40.000 euro aan Social Return, en dat is met de bouwblokwaarden uit ons register één tot twee mensen voor een jaar. Reken dat om vóór je inschrijft; de calculator doet het met de tabel van je eigen opdrachtgever.

Het Rijk heeft wél criteria klaarliggen voor hardware

Dat is de spiegelbeeldige kant van hetzelfde verhaal. Van de 44 productgroepen in de MVI-criteriatool met een onderwerp Social Return gaan er vijf over ICT, en dat zijn vrijwel allemaal leveringen:

  • ICT-hardware en mobiele apparaten
  • Netwerken, datacenterhardware en telefoniediensten
  • Reproductieapparatuur
  • Tonercartridges
  • Audiovisuele apparatuur

In alle vijf staat dezelfde eis van minimaal 5 procent social return als in de veertig andere productgroepen. Een rijksinkoper die laptops of multifunctionals aanbesteedt heeft de tekst dus gewoon klaarliggen, terwijl een deel van de gemeenten en waterschappen leveringen juist buiten de eis houdt. Wat er precies in die teksten staat en waar de inkoper zelf iets invult, lees je bij contractvoorwaarden.

Wat je hiermee doet

Zoek eerst uit hoe jouw opdracht is aanbesteed. Staat er levering, dan is de eerste vraag of er überhaupt een eis geldt; staat er dienst, dan is de vraag hoe je vijf procent van een grotendeels arbeidsintensieve opdracht gaat invullen. De regels van je eigen opdrachtgever staan bij de gemeenten, de arbeidsmarktregio's en de publieke opdrachtgevers. Wie meetelt staat bij doelgroepen, en wat elke invulling waard is bij bouwblokken vergeleken.

Veelgestelde vragen over Social Return in de ICT

Geldt Social Return bij een ICT-levering?
Dat verschilt sterker dan bij enige andere opdrachtsoort. Waterschap Rivierenland past bij leveringen geen Social Return toe omdat er volgens het handboek geen personeelskosten tegenover staan. De provincie Groningen houdt de eis wel overeind, maar als inspanningsverplichting zonder percentage en zonder drempelbedrag. De provincie Gelderland vraagt bij leveringen juist gewoon 5 procent van de opdrachtwaarde vanaf 100.000 euro.
Waarom is mijn percentage bij ICT-detachering juist hoog?
Omdat zes opdrachtgevers in ons register het percentage koppelen aan de loonsom: is die minstens 30 procent van de opdrachtwaarde, dan geldt 5 procent in plaats van 2. Bij detachering, beheer en softwareontwikkeling is de loonsom vrijwel de hele opdrachtsom, dus zit je altijd aan de hoge kant van die grens. In de bouw werkt dezelfde regel precies andersom.
Heeft het Rijk social return-criteria voor ICT?
Ja, voor vijf productgroepen: ICT-hardware en mobiele apparaten, netwerken en datacenterhardware met telefoniediensten, reproductieapparatuur, tonercartridges en audiovisuele apparatuur. In alle vijf staat dezelfde eis van minimaal 5 procent social return als in de veertig andere productgroepen, ook al zijn het grotendeels leveringen.
Mijn contract bevat hardware én dienstverlening. Wat nu?
Dan kunnen er twee regimes op één overeenkomst van toepassing zijn, want het onderscheid tussen levering en dienst bepaalt bij veel opdrachtgevers of en hoeveel er gevraagd wordt. Vraag bij een gemengde raamovereenkomst vooraf welke grondslag geldt en waarover gerekend wordt; dat staat zelden uitgelegd in de aanbestedingsstukken.

Bronnen

Elke feitelijke claim op deze pagina steunt op een van deze bronnen. Staat er iets niet bij, dan hebben wij het niet kunnen bevestigen en staat het er niet. Zo controleren wij een bron, en klopt er iets niet, geef het door.

  1. MVI-criteriatool, ICT-productgroepen met een onderwerp Social ReturnRijksoverheid, MVI-criteriatool · · geraadpleegd op Vijf van de 44 productgroepen met een onderwerp Social Return gaan over ICT: ICT-hardware en mobiele apparaten, Netwerken, datacenterhardware en telefoniediensten, Reproductieapparatuur, Tonercartridges en Audiovisuele apparatuur. In alle vijf staan dezelfde vier criteria, waaronder de eis van minimaal 5% social return.
  2. Visie op social returnPIANOo, Expertisecentrum Aanbesteden · geraadpleegd op Social return wordt vooral toegepast bij werken en diensten, omdat de directe arbeidscomponent bij een overheidsopdracht voor leveringen vaak een stuk kleiner is.