Ga naar hoofdinhoud
Onafhankelijk kennisplatform over Social Return (SROI)
Social Return Register

Social Return in zorg en welzijn

In zorg en welzijn komt het geld vaak niet uit een aanbesteding maar uit een subsidie, en daar geldt Social Return lang niet overal. Vier opdrachtgevers verbinden er wel een eis aan, elk op een andere manier: van 5 procent van het loondeel tot een inspanningsverplichting zonder percentage.

Door Sem ReijgwartGepubliceerd Laatst gecontroleerd Redactioneel beleid
Op deze pagina (6)

In het kort

  • Haarlem vraagt bij subsidies vanaf 500.000 euro 5 procent van het loondeel, niet van het hele subsidiebedrag.
  • Twente en Gouda kiezen bij subsidies voor een inspanningsverplichting zonder percentage.
  • Zorg is arbeidsintensief: bij een aanbesteding zit je vrijwel altijd aan de hoge kant van de 30 procent-loonsomgrens.
  • Bij regionaal ingekochte jeugdzorg kan een andere gemeente je Social Return beoordelen dan de gemeente waarmee je het contract hebt.
  • Provincie Noord-Holland onderzoekt nog of zij Social Return ook aan subsidies kan verbinden.

De subsidievraag komt eerst

In de meeste sectoren begint Social Return bij een aanbesteding. In zorg en welzijn niet: een groot deel van het geld loopt via subsidies, open house-constructies en raamovereenkomsten binnen het sociaal domein. De eerste vraag is dus niet hoeveel procent er geldt, maar of er überhaupt iets geldt op de manier waarop jij gefinancierd wordt.

Vier opdrachtgevers in ons register hebben daar iets over vastgelegd, en zij doen het alle vier anders.

OpdrachtgeverVanafWat er geldt
HaarlemSubsidie van € 500.0005 procent van het loondeel van de subsidie
Twente, veertien gemeentenSubsidie van € 100.000 per jaarInspanningsverplichting, zonder percentage
GoudaNiet aan een bedrag gekoppeldInspanningsverplichting, in de subsidiebeschikking
Provincie Noord-HollandNog nietOnderzoekt of het bij subsidies kan worden toegepast

Het loondeel is niet het subsidiebedrag

Haarlem is de enige in ons register met een hard percentage bij subsidies, en de formulering is precies: "Subsidies vanaf € 500.000,- en bedraagt 5% van het loondeel van de subsidie." Dus niet 5 procent van het hele bedrag.

Dat verschil is groot bij een subsidie waarin ook huisvesting, materiaal of doorbetalingen aan derden zitten. Reken dus eerst uit welk deel van je subsidie loon is; dat is je grondslag. Datzelfde principe zie je bij aanbestedingen terug, waar de keuze tussen loonsom en opdrachtwaarde het bedrag sterker bepaalt dan het percentage.

Haarlem trekt de lijn ook consequent door in de definities: onder contractpartner wordt ook de subsidiepartner verstaan aan wie een subsidie is verleend. Je hebt daarmee dezelfde positie als een opdrachtnemer, inclusief de verantwoording.

Waar geen percentage staat, staat een gesprek

Twente en Gouda kiezen bewust voor een inspanningsverplichting zonder getal. De Twentse gemeenten gingen akkoord met "het toepassen van een SROI inspanningsverplichting bij gesubsidieerde instellingen, die jaarlijks meer dan € 100.000 subsidie ontvangen". Gouda neemt het mee in de subsidiebeschikking en motiveert het met een observatie over de sector: gesubsidieerde organisaties lenen zich vaak goed voor participatiemogelijkheden zoals werkervaringsplekken.

Voor een zorg- of welzijnsorganisatie is dat gunstiger dan het lijkt, maar ook vager. Er is geen bedrag dat je moet halen, en dus ook geen bedrag dat je aan het eind kunt worden voorgehouden. Wat er wel van je verwacht wordt, spreek je af met de contactpersoon. Leg die afspraak vast, want een inspanningsverplichting zonder vastlegging is achteraf niet aan te tonen.

Bij een aanbesteding zit je altijd in het hoge tarief

Gaat het wél om een gewone aanbesteding, bijvoorbeeld huishoudelijke hulp, hulpmiddelen of begeleiding, dan werkt de arbeidsintensiteit van de sector tegen je. Zes opdrachtgevers in ons register koppelen het percentage aan de loonsom: minstens 30 procent van de opdrachtwaarde betekent 5 procent, daaronder 2 procent. In de zorg is de loonsom vrijwel de hele opdrachtsom, dus je zit altijd boven die grens.

Dat is precies omgekeerd aan de bouw, waar een materiaalzwaar project juist in het lage tarief valt. Wat er per opdrachtgever geldt, staat op de gemeentepagina's en bij de arbeidsmarktregio's.

Wie je beoordeelt, is niet altijd wie je betaalt

Zorg wordt vaak regionaal ingekocht, en dan kan de uitvoering van het Social Return-beleid bij een andere gemeente liggen dan die waarmee jij het contract hebt. Zaanstad heeft dat voor de raamovereenkomsten jeugdbescherming en jeugdreclassering 2024-2026 formeel geregeld: negentien gemeenten kopen samen in, en het college van Amsterdam is gemandateerd om alle besluiten over de uitvoering van het SROI-beleid te nemen.

Er zit een rem op die mandaat die de moeite van het kennen waard is. Wil Amsterdam een gecertificeerde instelling sanctioneren wegens het niet nakomen van de SROI-verplichting, dan mag het die bevoegdheid pas uitoefenen "na verkregen instemming van de mandaatgever". Bij een geschil zijn er dus twee colleges in beeld.

Vraag bij een regionaal contract dus altijd wie je aanspreekpunt is voor Social Return, en wie uiteindelijk beslist. Dat zijn niet altijd dezelfde partij, en de contactgegevens van je eigen gemeente zeggen daar niets over.

Wat niet meetelt

Eén misverstand komt in deze sector vaker voor dan in andere: de gedachte dat de zorg die je levert zelf al maatschappelijke waarde is en dus meetelt. Dat is niet hoe Social Return werkt. Het gaat om wie je in dienst neemt, opleidt of begeleidt, niet om wat je product doet. Wat wel meetelt staat bij doelgroepen en, waar plaatsen niet lukt, bij alternatieve invulling.

Veelgestelde vragen

Geldt Social Return ook bij een subsidie?
Bij een deel van de opdrachtgevers wel. Haarlem stelt de eis vanaf een subsidie van 500.000 euro en rekent dan 5 procent van het loondeel. De veertien Twentse gemeenten passen bij gesubsidieerde instellingen met meer dan 100.000 euro subsidie per jaar een inspanningsverplichting toe, zonder percentage. Gouda neemt het mee in de subsidiebeschikking, ook zonder percentage.
Waarover wordt bij een subsidie gerekend?
Let op dit verschil, want het scheelt veel geld. Haarlem rekent uitdrukkelijk over het loondeel van de subsidie en niet over het hele subsidiebedrag. Bij een subsidie waarin ook huisvesting en materiaal zitten, is dat een aanzienlijk kleinere grondslag.
Waarom is mijn percentage in de zorg vaak 5 procent?
Omdat zorg en welzijn arbeidsintensief zijn. Zes opdrachtgevers in ons register koppelen het percentage aan de loonsom: is die minstens 30 procent van de opdrachtwaarde, dan geldt 5 procent in plaats van 2. Bij zorgverlening is de loonsom vrijwel de hele opdrachtsom, dus zit je altijd boven die grens.
Wie beoordeelt mijn Social Return bij regionaal ingekochte jeugdzorg?
Niet per se de gemeente waarmee je het contract hebt. Voor de raamovereenkomsten jeugdbescherming en jeugdreclassering 2024-2026 kopen negentien gemeenten samen in en heeft Zaanstad het college van Amsterdam gemandateerd om het SROI-beleid uit te voeren. Wil Amsterdam sanctioneren, dan mag dat pas na instemming van de mandaatgever.
Telt de zorg die ik zelf levert mee als invulling?
Nee, en dat is een veelgemaakte denkfout. Social Return gaat over wie je in dienst neemt of opleidt, niet over de maatschappelijke waarde van je dienst zelf. Wat wel meetelt zijn plaatsingen uit de doelgroep, leerwerkplekken, en bij een deel van de opdrachtgevers inkoop bij een sociale onderneming of een alternatieve invulling.

Bronnen

Elke feitelijke claim op deze pagina steunt op een van deze bronnen. Staat er iets niet bij, dan hebben wij het niet kunnen bevestigen en staat het er niet. Zo controleren wij een bron, en klopt er iets niet, geef het door.

  1. Beleidsregels SROI 2021 HaarlemGemeente Haarlem, via lokaleregelgeving.overheid.nl · geraadpleegd op Subsidies vanaf € 500.000,- en bedraagt 5% van het loondeel van de subsidie. SROI is het opnemen van sociale voorwaarden in subsidies en inkoop-, aanbesteding of subsidietrajecten met als doel dat de investering die de gemeente doet een sociale winst oplevert voor de doelgroep. Onder contractpartner wordt ook verstaan de subsidiepartner aan wie een subsidie is verleend.
  2. Social Return Arbeidsmarktregio Midden-HollandGemeente Gouda, via lokaleregelgeving.overheid.nl · geraadpleegd op Social return bij subsidies. Gesubsidieerde organisaties lenen zich vaak goed voor participatiemogelijkheden met de doelgroep social return zoals werkervaringsplekken etc. Deze toepassing van social return bij subsidies neemt Gouda mee in de subsidiebeschikking.
  3. Beleidsnotitie Social Return On Investment (SROI) van 14 Twentse gemeentenGemeente Wierden, via lokaleregelgeving.overheid.nl · geraadpleegd op De Twentse gemeenten gaan akkoord met het toepassen van een SROI inspanningsverplichting bij gesubsidieerde instellingen, die jaarlijks meer dan € 100.000 subsidie ontvangen.
  4. Mandaat- en volmachtbesluit uitvoering SROI contract jeugdbescherming en -reclassering door Gecertificeerde Instellingen 2024-2026 Gemeente Zaanstad, via lokaleregelgeving.overheid.nl · geraadpleegd op Aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam mandaat te verlenen voor het nemen van alle benodigde besluiten bij de uitvoering van het SROI-beleid gedurende de looptijd van de raamovereenkomsten. Indien het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam besluit om de Gecertificeerde Instelling te sanctioneren wegens het niet nakomen van de SROI-verplichting, oefent het college deze bevoegdheid niet eerder uit dan na verkregen instemming van de mandaatgever.
  5. Inkoopbeleid provincie Noord-Holland 2021Provincie Noord-Holland, via lokaleregelgeving.overheid.nl · · geraadpleegd op De social return waarde is 1 tot 7% van de totale opdrachtsom, waarbij de streefwaarde 5% is. Deze toepassing is maatwerk per aanbesteding.